Informatie over niet-aangeboren hersenletsel (NAH)!

Wat is niet-aangeboren hersenletsel?

Niet-aangeboren hersenletsel is een afwijking of beschadiging van de hersenen die na de geboorte door ziekte of andere oorzaken is ontstaan, met soms grote-, soms voor anderen onzichtbare- gevolgen voor de manier waarop de getroffene en zijn/haar naasten hun leven kunnen leven (Jurrius, 2015). In Nederland worden jaarlijks 140.000 mensen getroffen door hersenletsel, waarvan 10.000 mensen het niet overleven en 40.000 mensen blijvende beperkingen overhouden aan het hersenletsel. Jaarlijks wordt bij naar schatting 19.000 kinderen en jongeren tot 24 jaar niet-aangeboren hersenletsel (NAH) vastgesteld in ziekenhuizen in Nederland (Gijzen, Hurkmans & Hermans, 2015). Tot op heden ontbreekt het helaas aan cijfers over het aantal jongvolwassenen (25 tot en met 35 jaar) met niet-aangeboren hersenletsel.

 

Oorzaken van niet-aangeboren hersenletsel

Er zijn meerdere oorzaken van hersenletsel. Hieronder noemen we de meest voorkomende oorzaken.

 

Traumatisch hersenletsel (THL)

In deze categorie vallen alle vormen van hersenletsel die veroorzaakt zijn door een ‘trauma’, oftewel schade aan de schedel en het brein door een kracht van buitenaf. Dit kan bijvoorbeeld worden veroorzaakt door een val van de trap of een verkeersongeval. Jaarlijks lopen zo’n 85.000 mensen een traumatisch hersenletsel op, waarvan 15.000 mensen blijvende beperkingen overhouden. De gebeurtenis kan bijvoorbeeld leiden tot een hersenschudding, een hersenkneuzing, een bloeding of een schedelbasisfractuur.

 

Cerebrovasculair accident (ook wel CVA of beroerte genoemd)

Jaarlijks krijgen ongeveer 45.000 mensen in Nederland een CVA. Hiervan houden zo’n 20.000 mensen blijvende beperkingen over. Een CVA kan meerdere oorzaken hebben, zoals een hersenbloeding, een herseninfarct of een aneurysma. Het gaat hierbij om een beschadiging in de hersenen door een teveel aan bloed (zoals bij een hersenbloeding) of juist een tekort aan bloed (zoals bij een herseninfarct).

  • Bij een hersenbloeding stroomt er bloed in of rond de hersenen, waardoor de druk op de hersenen oploopt en beschadigingen aan het weefsel kunnen ontstaan. Dit kan veroorzaakt worden door een scheur in een slagader.
  • Bij een herseninfarct krijgt een deel van de hersenen geen bloed meer en ontstaat er een tekort aan zuurstof en voedingsstoffen. Als deze afknelling van de bloedtoevoer te lang aanhoudt, kan dit grote consequenties hebben, zoals het afsterven van hersenweefsel.
  • Een TIA (Transient Ischemic Attack) is het ‘kleine broertje’ van een herseninfarct. Hierbij is sprake van een kortdurende verstopping van een bloedvat in de hersenen, waardoor de bloeddoorstroming tijdelijk geblokkeerd wordt. Hierdoor krijgen de hersenen tijdelijk minder zuurstof en vallen bepaalde (lichaams)functies uit. Ten opzichte van een CVA heeft een TIA vergelijkbare gevolgen, alleen bij een TIA verdwijnen deze na een paar uur weer. Het staat daarom ook wel bekend als de ‘voorbijgaande beroerte’. Een TIA kan een waarschuwingssignaal zijn voor een naderende CVA.

 

Andere oorzaken

Jaarlijks lopen ongeveer 10.000 mensen hersenletsel op door andere oorzaken, waarvan 5.000 mensenblijvende beperkingen overhouden. Voorbeelden hiervan zijn meningitis (hersenvliesontsteking), een hersentumor, zuurstoftekort door hartfalen, verdrinking, vergiftiging en Multiple Sclerosis (MS). In veel van deze gevallen is de schade die hierdoor ontstaat diffuus (niet zozeer op één specifieke plek maar overal in het brein). Hierbij zijn dan vaak ook veel functies in meerdere of mindere mate aangedaan, zowel fysiek als cognitief. Deze kunnen echter voor elk type beschadiging weer anders zijn.

 

Gevolgen van niet-aangeboren hersenletsel

NAH dus… en dan? Zoals hiervoor beschreven, houden ruim 40.000 mensen blijvende beperkingen over aan NAH. De gevolgen die dit heeft op het verdere leven van deze mensen kan erg uiteenlopend zijn. In elk geval krijg je tijdens je revalidatieperiode met een boel artsen en therapeuten te maken:

  • Een revalidatiearts die in samenspraak met alle specialisten het behandelplan opstelt en bewaakt.
  • De fysiotherapeut die zich ontfermt over vaardigheden als zitten, liggen en lopen.
  • Een ergotherapeut die adviseert hoe je alledaagse taken zelfstandig kunt doen.
  • Een logopedist die onderzoekt, behandelt, en begeleidt op het gebied van communicatie (afasie), eten en drinken.
  • Een psycholoog die helpt bij het bij het verwerken van het overkomen of ontstaan van jouw niet aangeboren hersenletsel. Hij helpt je samen te denken in mogelijkheden in plaats van dingen die je misschien niet meer kunt.
  • Een maatschappelijk werker die je ondersteunt bij het oppakken van je dagelijkse leven, opleiding en/of werk.

 

Maar na de revalidatieperiode begint het pas, de chronische fase noemen we dat. Hersenletsel heeft veel verschillende zichtbare en onzichtbare kenmerken die je mogelijk kunt herkennen. Je bent bijvoorbeeld sneller moe, hebt concentratieproblemen, moeite met praten of het begrijpen van taal. Ook kun je vaker somber zijn of sneller boos. Uiteraard wil je je leven weer opbouwen, maar dat blijkt vaak nog niet zo gemakkelijk (Dekker, 2017). Je zult persoonlijke doelen moeten stellen en hier samen met jouw omgeving naartoe proberen te werken. Want ook jouw persoonlijke omgeving speelt hierin een belangrijke rol, bijvoorbeeld je partner, ouders en/of kinderen. 


Als jongvolwassene heb je na je revalidatieperiode vaak nog veel doelen in je leven. Je wilt in eerste instantie bijvoorbeeld graag verder met je opleiding, of juist weer gewoon aan het werk. Gelukkig zijn er veel instellingen die je daarbij kunnen helpen. Sivan, de oprichter van Stichting SIA, is bijvoorbeeld erg geholpen door het project ‘de Class’ van de Edwin van der Sar Foundation. Ook zou je eens een kijkje kunnen nemen op de website van organisaties als Hersenz en InteraktContour. Je vindt hier erg handige tips en oplossingen voor problemen waar je mogelijk tegenaan loopt. Op Brainstormt, een website voor jongeren met hersenletsel, vindt je handige informatie over het volgen van een opleiding wanneer je hersenletsel hebt.

 

Bronnen:

Jurrius, K., Goes, I., en Loerts, M. (2015). Hersenletsel… Hoe gaat het nu met u? Ervaring met zorg en leven van mensen met niet-aangeboren hersenletsel en hun naasten. Almere: Windesheim Flevoland.

 

Gijzen, R., Hurkmans, M., & Hermans, E. (2015). Kinderen en jongeren met niet-aangeboren hersenletsel: een dubbele uitdaging. JGZ Tijdschrift voor jeugdgezondheidszorg, 47(1), 16-19.

 

Hersenz (2015). Factsheet Aantallen, oorzaken en gevolgen van niet-aangeboren hersenletsel. Zie: www.hersenz.nl/wp-content/uploads/2015/06/Factsheet-Aantallen-oorzaken-en-gevolgen-nietaangeboren-hersenletsel.pdf

 

Dekker, M (2017, 3 juli). Jong en hersenletsel door ongeluk, tumor of beroerte. Geraadpleegd van https://www.verdermethersenletsel.nl/t/jong-en-hersenletsel-door-ongeluk-beroerte-of-tumor

 

https://www.hersenz.nl/

https://www.interaktcontour.nl/

http://www.brainstormt.nl/

https://www.edwinvandersarfoundation.nl/